Top     Home


Arbeidsovereenkomst

Loontrekkende dienstboden en huispersoneel gaan met hun werkgever een arbeidsovereenkomst aan. Deze kan afgesloten worden voor bepaalde of onbepaalde tijd. Een overeenkomst voor een bepaalde tijd moet schriftelijk opgesteld worden, voor onbepaalde tijd mag ze zowel schriftelijk als mondeling zijn. De arbeidsovereenkomst voor dienstboden mag sinds 1 oktober 2014 (de invoering van een eenheidsstatuut voor werklieden en bedienden) geen proefperiode bevatten.


Definitie

De wet heeft de dienstboden en het huispersoneel gedefinieerd:

a) Dienstboden:

de werknemers die hoofdzakelijk tewerkgesteld zijn voor huishoudelijke arbeid van lichamelijke aard voor de behoeften van de huishouding van de werkgever of van zijn gezin (Programmawet (I) 24 december 2002 art.353bis/11).

De Arbeidsovereenkomstenwet van 8 juli 1978 definieert de arbeidsovereenkomst voor dienstboden als “de overeenkomst waarbij een werknemer, de dienstbode, zich verbindt tegen loon en onder gezag (...) van een werkgever, in hoofdzaak huishoudelijke handarbeid te verrichten in verband met de huishouding van de werkgever of van zijn gezin” (art.5).

b) Onder huispersoneel verstaan we: de werknemers die in dienst zijn genomen om, tegen loon, onder het gezag van een werkgever hoofd- of handarbeid uit te voeren binnen het onroerend goed, binnenshuis of buiten het huis, voor de privé-behoeften van de werkgever of van diens gezin (Programmawet (I) 24 december 2002 art.353bis/11).

Voorbeelden van dienstboden: kok/kokkin, kamerknecht of –meisje, poetsvrouw voor het privéhuishouden van de werkgever, naaister, etc.

Werknemers daarentegen die geen arbeid verrichten die als huishoudelijk kan beschouwd worden (chauffeur, tuinier, ziekenoppasser….) of die werk verrichten die hoofdzakelijk van intellectuele aard zijn (privé-verpleegster, gouvernante….) zijn geen dienstboden maar huispersoneel.


Sociaal statuut

Huisarbeiders hebben sinds 1 oktober 2014 een gelijkaardige sociale bescherming als andere werknemers en kunnen bijgevolg niet langer vrijgesteld zijn van de sociale zekerheid of er beperkt aan onderworpen zijn. Dienstboden, al dan niet inwonend, worden dus gewone werknemers zonder bijzonder sociaal statuut (KB van 13 juli 2014). Voor RSZ verdwijnt dus de opsplitsing dienstbode en ander huispersoneel. De werkgever kan echter onder strikte voorwaarden genieten van een beperkt aantal RSZ-verminderingen.


Occasionele activiteiten

De definitie van “occasionele huishoudelijke arbeid“ werd sinds 1 oktober 2014 gewijzigd, waardoor de RSZ-vrijstelling nog slechts mogelijk is voor ‘occasionele activiteiten ten behoeve van de huishouding van de werkgever of zijn gezin, die niet van manuele aard zijn én niet beroepsmatig worden geregeld en uitgevoerd in die huishouding’ (met een duur van maximum 8 uur per week bij één of meerdere werkgevers). Het zijn prestaties van intellectuele aard.

Zo beschouwt men volgende zaken als occasionele arbeid: babysitten of het gezelschap houden van oudere personen, boodschappen doen voor minder mobiele personen of chauffeur zijn van minder mobiele personen. Het mag echter niet de bedoeling zijn om deze activiteiten professioneel te ontplooien. Het betreft hier eerder sociale diensten of vriendendiensten waarvoor een kleine vergoeding wordt betaald. Mensen die dit soort occasionele arbeid uitoefenen, worden niet beschouwd als huisarbeider en kunnen dus van een afwijkend RSZ-regime blijven genieten.

Manuele huishoudelijke arbeid kan dus onder geen enkele omstandigheid beschouwd worden als occasionele arbeid en wordt dus in alle gevallen onderworpen aan de sociale zekerheid. Het gaat hier veelal om poets- en/of tuinhulpen.


Hoe zorgt u ervoor dat u in orde bent?

1. U moet zich als werkgever registreren bij de RSZ en uw huispersoneel aangeven via de Dimona-applicatie op de Portaalsite van de Sociale Zekerheid (www.socialsecurity.be). De Dimona (Déclaration Immédiate/Onmiddellijke Aangifte) is het elektronische bericht waarmee de werkgever iedere indiensttreding en uitdiensttreding van een werknemer aangeeft bij de RSZ

2. U bezorgt de RSZ ieder kwartaal een aangifte van de lonen die u hebt uitbetaald aan uw huispersoneel. Op basis van die lonen betaalt u ieder kwartaal sociale bijdragen aan de RSZ.

3. Verder vult u éénmaal per jaar een fiscale fiche in voor elk van uw personeelsleden. Dat kunt u doen via de applicatie Belcotax On Web (www.belcotaxonweb.be).

4. U geeft het ondernemingsnummer dat u van de RSZ zult ontvangen zo snel mogelijk door aan uw arbeidsongevallenverzekeringsonderneming.


Risico’s bij niet-aangifte

Bij niet-aangifte zal, naar aanleiding van een ongeval, de RSZ door de arbeidsongevallenverzekeraar geïnformeerd worden van het feit dat u dienstboden of huispersoneel in dienst hebt.

De arbeidsongevallenverzekeraar zal RSZ-bijdragen moeten afhouden van de vergoedingen voor arbeidsongeschiktheid. RSZ kan dan ook een boete opleggen omwille van niet-aangifte en achterstallige sociale bijdrage vorderen.

Werkgevers die werknemers tewerkstellen die huishoudelijk werk verrichten dat via dienstencheques of PWA-cheques wordt vergoed, vallen niet onder die aangifteverplichting: deze werknemers krijgen een volledige sociaalrechtelijke bescherming. Zij zijn al verzekerd via het bedrijf dat hen tewerkstelt. Voor de schade die zij veroorzaken, sluit het bedrijf meestal een verzekering B.A.-Onderneming af.


De verzekeringspolis Huispersoneel

De verzekering “huispersoneel” is speciaal bedoeld voor mensen die dienstboden of af en toe huispersoneel in dienst hebben in het kader van hun privéleven.

Als werkgever hebt u de wettelijke verplichting uw dienstboden en huispersoneel (die geen zelfstandig statuut hebben), ingeschreven of niet, te verzekeren tegen arbeidsongevallen in uw woning of op de weg tussen hun woonplaats en uw woning (wet van 10 april 1971), en dit zelfs voor personeel waarop u slechts af en toe een beroep doet of die vrijgesteld is van de RSZ-plicht. U hoeft niet de naam van de verzekerde op te geven. Ook moet de verzekering niet per persoon worden afgesloten; één enkel contract dekt alle personen die u tewerkstelt: uw poetsvrouw, tuinman occasionele hulp, etc. zijn dus allemaal gedekt.

Deze verzekering betaalt de wettelijke vergoedingen bij een arbeids(weg)ongeval terug: medische kosten na ongeval, loonverlies bij tijdelijke arbeidsongeschiktheid, rente bij overlijden of blijvende arbeidsongeschiktheid.

Als uw dienstbode of huispersoneel een arbeidsongeval heeft terwijl u als werkgever niet verzekerd bent, dan kan uw werknemer zijn niet-verzekerde ongeval rechtstreeks bij Fedris (de nieuwe benaming voor Fonds voor Arbeidsongevallen) aangeven. Fedris zal het slachtoffer dan vergoeden, maar zal de betaalde vergoedingen van u terugvorderen. U zult ook een boete moeten betalen omdat u de verzekeringsplicht niet hebt nageleefd.

Schade die dienstboden en huispersoneel aan derden berokkenen valt buiten de dekking van deze polis, maar onder de vrij af te sluiten verzekering B.A.-Gezin: het huispersoneel en gezinshelpers, en al wie die, buiten elke beroepswerkzaamheid, kosteloos of bezoldigd, belast is met de bewaking van de met de verzekeringnemer samenwonende kinderen worden o.m. uitdrukkelijk als verzekerden in de gezinspolis beschouwd.


De D.A.S.-rechtsbijstandspolis

D.A.S.-Gezinspolissen dekken de verzekerden binnen de limieten van de onderschreven polis als werkgever van huispersoneel (art. 2).



Jean ROGGE,

Professor ULB

Advocaat Balie Brussel




© D.A.S. Journaal, november 2017

HOOFDARTIKEL - Werkgever van huispersoneel? Hoe zit het nu ook weer met uw verplichtingen?